Mijn bejaarde buurvrouw zegt me nooit gedag. Ze loopt me voorbij en kijkt me niet eens aan. Soms, heel soms, kijkt ze me aan, de blik in haar ogen is dan vernietigend. Alsof ik het laagste uitschot ben dat er bestaat. En ik weet niet waarom
Of wacht, ik weet wel waarom, Althans, ik weet waarom het begonnen is, maar waarom ze zich nog steeds zo gedraagt is me een raadsel. Ik dacht eerst, wat ik altijd denk in zulke gevallen, namelijk, dat ze racistisch was. Maar dat is niet waar. Ze zegt mijn vrouw wel gedag en mijn vrouw is een moslima, compleet met hoofddoek en kinderwagen.
Toen dacht ik dat het gewoon een zuurpruim was. Ook niet waar, want zodra ze mijn vrouw ziet transformeert haar gezicht van onweer naar zonneschijn. Ze lacht altijd naar mijn vrouw en is vaak genoeg vrolijk in gesprek met haar. Dus dat kan het ook niet zijn
Ik weet denk ik wel de oorzaak van dit alles. We kwamen voor het eerst ons huis bezichtigen, en onze makelaar stelde ons aan haar voor als de nieuwe buren. Zij stelde zich voor als Wilhelmina, maar we konden ‘Mina’ zeggen. Allemaal veels te voorbarig natuurlijk, maar goed, we maakten kennis en wisselden een paar woorden met elkaar. Twee maanden later werden we ook echt buren.
In de eerste week waren we in het huis bezig met allerlei klussen en de buurvrouw - de deur stond open - kwam vaak langs om te zien hoe ver we waren. Zo liep ze een keer langs toen ik samen met mijn broer bezig was laminaat te leggen. Ik was in een montere bui en voor mijn doen bijzonder gastvrij. Ik zei dat ze binnen kon komen en kijken als ze wou, ze kwam binnen en we raakten een beetje in gesprek. Mijn vrouw was er niet, alleen mijn broer en ik.
We raakten aan de praat over het weer en over de buurt en ik maakte de domme fout door te denken dat ik met een generatiegenoot zat te praten. Ze had het steeds over dat zij vroeger dol was of een dolle was, of zo, geen idee wat ze bedoelde. Ons gevoel voor humor lag mijlenver uit elkaar. De ene geslaagde grap naar de ander vuurde ik af op haar, maar ze kwamen niet aan. Zij steeds vertellen over haar dolle periode in de jaren zeventig, echt geen idee waar ze het over had, maar ik lachte wél beleefd om wat ze te vertellen had
Ik vertelde haar dat als we het huis een jaar eerder hadden gekocht we 25 duizend euro hadden kunnen besparen. “Huizen stijgen snel in waarde hier, die van ons is in een paar jaar tijd ook enorm gestegen” antwoordde ze.
“Ja, maar hoe dan ook,” probeerde ik grappig te zijn, “die van mij is meer waard dan die van jou”
“Hoezo?” vroeg ze verbaasd
“Nou, naast mij wonen geen Marokkanen!”
Ze gaf geen krimp. Het kwam totaal niet aan als grap bij haar, ze dacht dat ik serieus was en reageerde daar ook heel serieus op.
Ja, je kan dan niet zeggen: "grapje, hoor". Want dan suggereer je dat ze het niet begrepen heeft en dus eigenlijk achterlijk is, want ik bedoel; het moet wel een grap zijn want ze ziet toch dat ik Marokkaans ben.
Aan de andere kant, misschien begreep ze het wel, alleen vond ze het niet grappig. En dat is wat ik toen dacht, dat knaagde aan mij. Ze begreep mijn grap en vond hem niet grappig, ze vindt mij niet grappig! En dus ging ik geforceerd grappig doen. Van alles probeerde ik een grap te maken
Het gesprek kwam aan op mijn vrouw, ze vroeg waar ze was. En ik heel naïef grappen maken ten koste van mijn vrouw en vrouwen in het algemeen. Dat mijn moeder mijn vrouw heeft opgehaald om haar even uit te laten, want ze komt niet veel buiten, dat ze ook niet zomaar in het huis mag ronddwalen maar in de keuken moet blijven. Dat ze eerst haar hand moet opsteken voordat ze tegen me mag praten en pas mag praten als ik daar toestemming voor geef en dat ik haar naam eigenlijk niet weet maar haar gewoon ‘woman’ noem en dat ze niet met andere mannen mag praten en überhaupt niet met Nederlanders en niet zonder escort de straat op mag en dat ik haar gekocht heb voor drie geiten en een fles olijfolie en dat ik haar regelmatig sla voor haar eigen bestwil want als ik dat niet doe dan zal ze me niet respecteren enzovoort, enzovoort.
Het gezicht van de buurvrouw werd steeds mismoediger. En elke keer als ik een grap maakte die niet aansloeg werd het erger en erger waardoor ik nóg geforceerder grappen ging maken en ik maar steeds denken: ik hoop toch wel dat ze ziet dat ik grappen aan het maken ben, want stel je voor dat ze denkt dat ik echt zo ben.
Ze ging weg en mijn montere bui was verdwenen. Helemaal weg. Gek wijf, ook, dacht ik zo, gekke mina... Het bleef even hangen... en toen schoot het te binnen. Alsof er een kwartje viel: Dolle Mina! ...Ja, wist ik veel dat zij lid was een feministische beweging. Godallemachtig, kutwijven toch ook!
En ook al had ik die link gemaakt, dan nog, al had ze direct in mijn gezicht gezegd dat ze fanatiek actie voerde met Dolle Mina, dan nog! Wist ik veel. Het is niet zo dat ik even kon googlen naar Dolle Mina. Mama mia, wat een afgang.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten