Daar in de verte kwam het grote monster aanrijden. Als een slagschip kwam het tevoorschijn, hoe dichterbij hoe groter. Tot het punt dat we de wereld eromheen niet meer konden zien. Het stopte vlak voor school. Met open mond keken we ernaar en we werden bang. We hielden elkaar vast. “Nee, we doen het niet, laten we naar huis gaan!” Zei mijn vrouw. Ik keek mijn dochtertje smekend aan. Maar zij was vastbesloten, zij is veel sterker dan wij. “Doei,” zei ze nog even voor ze zich van ons losrukte. Met haar rugzakje op liep ze richting het grote monster. En hoe immens dat ding was werd nog duidelijker toen mijn dochtertje haar handen moest gebruiken om de hoge treden te beklimmen.
Na een lange klim was ze eindelijk binnen. Wij hielden elkaar nog even stevig vast. “Daar gaat ze!” zei mijn vrouw. “Ja, daar gaat ze…” Zei ik, en slikte een brok door. Mijn dochtertje ging bij het raam zitten, we zien haar, we zwaaien, we springen, druk gebarend proberen we haar aandacht te trekken. Maar niets. Ze ziet ons niet eens staan.
Een zwaar moment in het leven van een vader die zijn dochtertje voor het eerst een grote bus ziet instappen voor haar allereerste schoolreisje…

haha, slappeling... maar wel schattig!
BeantwoordenVerwijderenSarah
WATJE !!
BeantwoordenVerwijderen